Alles over Rijssen en omgeving

De witte wieven zwiep

Afstand van Rijssen naar Zwiep 22,6 Km
De witte wieven.
In het Achterhoekse dorp Zwiep (bij Lochem) heeft de plaatselijke bakker een klein themapark gewijd aan de witte wieven. Op de noordelijke flank van de Kale Berg (bij de Lochemse Berg) is de Witte Wievenkoele, een diepe kuil waar men volgens oude verhalen in nachtelijke uren witte wieven tegen het lijf kan lopen. Tussen de toppen van de Lochemse Berg en de Kale Berg ligt een kwelplek,

In de buurt van Lochem, Zwiep en Barchem werd vroeger vaak de sage van de witte wieven van Zwiep verteld; een verhaal over de rijke boerendochter Johanna die verliefd is op een arme boerenzoon. Johanna’s vader wil dat zijn dochter met een rijke boerenzoon trouwt en verzint voor de rivalen een opdracht waarbij ze de rust van de witte wieven moeten verstoren.

In een diepe kuil bij de Koerbelt wonen drie witte wieven. De oudste is meesteres over alle witte wieven van de Veluwe, Salland, de Achterhoek en Twente. Overdag zijn ze één met het zand, ’s nachts komen ze naar boven. Herbert en zijn zus Aleid zijn niet bang als kind, maar worden door het buurmeisje Johanna gewaarschuwd. Herbert komt lang niet bij de kuil, maar later komt hij er toch ’s nachts voorbij. Het oudste witte wief laat hem uit de wittewievenbult vertrekken en Herbert vraagt Aleid om een Driekoningenkoek (zie ook Koningentaart) te bakken en samen brengen ze dit naar de kuil.

Herbert en Johanna horen bij elkaar, maar Albert wil ook haar hand. De moeder van Johanna heeft een voorkeur voor Albert en beide mannen moeten middernacht naar de wittewievenbult gaan, om daar elk een haarspit in te gooien. Albert koopt een duur paard en komt uit het oosten, Herbert komt met een oude knol vanuit het westen. Albert durft echter niet en Herbert weet aan het witte wief te ontkomen. Hij vindt nog een gouden bord en krijgt, nu zelfs rijker dan Albert, de hand van zijn geliefde.

Facebooktwittergoogle_plus